Laatst geupdate op 14 juli 2026
Een wasmachine trekt tijdens het opwarmen van water 2000 tot 3000 watt, en op een standaardgroep van 16 ampère is de marge dan al snel op. Deel je die groep met een droger, vaatwasser of andere zware apparaten, dan valt de automaat uit of worden kabels warm. In oudere woningen met groepen van 10 of 13 ampère is die marge nog kleiner, en langdurige overbelasting versnelt de slijtage van bedrading en verbindingen. Een eigen groep voor de wasmachine voorkomt dit, en het beschermt je ook bij schade: verzekeraars kijken bij brand of schade naar de staat van je installatie en een overbelaste groep kan invloed hebben op de dekking. Laat aanpassingen altijd uitvoeren door een vakman en bewaar daarna de facturen, schema’s en het keuringsrapport.
Een wasmachine trekt tijdens het opwarmen van water veel stroom, vaak 2000 tot 3000 watt. Een standaardgroep van 16 ampère kan ongeveer 3680 watt aan. Dat klinkt als genoeg, maar zodra er andere apparaten op dezelfde groep zitten, wordt het snel krap. De automaat schakelt dan uit op precies het verkeerde moment.
Sluit je de wasmachine aan op een eigen groep, dan heb je dat probleem niet meer. Geen onverwachte uitval, en de rest van je apparaten hebben geen last van de wasmachine die stroom trekt.
In oudere huizen kom je soms nog groepen van 10 of 13 ampère tegen. Die kunnen minder aan, en de kabels worden bij overbelasting sneller warm. Is dat bij jou het geval? Laat dan een installateur kijken of het slim is om een extra groep aan te leggen.
| Situatie | Vermogen |
|---|---|
| Standaardgroep (16 A) | ≈ 3680 W |
| Wasmachine tijdens opwarmen | 2000 – 3000 W |
| Wasmachine tijdens centrifugeren | 400 – 600 W |
| Oudere groep (10 of 13 A) | ≈ 2300 – 3000 W |
Nergens in de wet staat dat een wasmachine verplicht een eigen groep moet hebben. Maar bij nieuwbouw en grote renovaties wordt bijna altijd verwezen naar NEN 1010, de Nederlandse norm voor elektrische installaties. Die gaat ervan uit dat zware apparaten hun eigen groep krijgen. In nieuwe woningen zie je daarom standaard aparte groepen voor de wasmachine, droger en vaatwasser.
In een bestaande woning ben je daar niet altijd toe verplicht, maar het is wel de veiligste keuze.
Bij brandschade kijkt een verzekeraar of je installatie veilig is aangelegd. Staat in de polisvoorwaarden dat je installatie aan geldende normen moet voldoen, en blijkt dat een groep structureel overbelast was? Dan kan de verzekeraar een claim deels of helemaal afwijzen. Dat vinden we een terecht risico om serieus te nemen.
Sluit je de wasmachine aan op een eigen, goed beveiligde groep en laat je de installatie af en toe controleren, dan sta je een stuk sterker. Keuringen worden vaak gedaan volgens NEN 3140.
Laat je een nieuwe groep aanleggen, vraag dan altijd om een opleverrapport of installatieverklaring. Handig als je verzekeraar bij schade wil weten of alles netjes is aangelegd. Ook bij de verkoop van je huis wordt daar weleens naar gevraagd.
Bewaar in elk geval:
Waarom een droger snel voor overbelasting zorgt
Een droger hoort bij de zwaarste apparaten in huis, zeker modellen met een verwarmingselement (zoals veel condensdrogers). Die zitten tijdens het drogen vaak ruim boven de 2000 watt. Daarom is een eigen groep meestal de verstandigste keuze.
Warmtepompdrogers gebruiken minder (vaak rond 700, 1200 watt), maar samen met een wasmachine kan het nog steeds veel zijn. Als je beide apparaten op dezelfde groep zet, tel je de pieken bij elkaar op en kom je makkelijk boven de 16 ampère uit. Dan valt de groep regelmatig uit. Met een eigen groep voor de wasmachine en, afhankelijk van je droger, ook een eigen groep voor de droger, kun je ze meestal tegelijk gebruiken zonder gedoe.
De onderstaande tabel laat zien hoe het vermogen van een wasmachine en verschillende typen drogers zich tot elkaar verhoudt.
| Apparaat | Type | Vermogen |
|---|---|---|
| Wasmachine | opwarmen | 2000, 3000 W |
| Wasmachine | centrifuge | 400, 600 W |
| Droger | element | > 2000 W |
| Droger | warmtepomp | ≈ 700, 1200 W |
Wat je groep echt aankan
Een standaardgroep is meestal 16 ampère, goed voor ongeveer 3680 watt. Alles wat op die groep is aangesloten telt mee. Bij oudere groepen van 10 of 13 ampère ligt de grens nog lager. Wil je weten of een extra groep voor jou nodig is? Kijk op de automaten in je meterkast wat erop staat (bijvoorbeeld ‘B16’ of ‘B10’) en bekijk welke apparaten op welke groep zitten. Zo zie je snel of je dichtbij de grens zit.
Gevolgen van langdurige overbelasting
Als een groep vaak tegen zijn limiet aan zit, slijt de automaat sneller en wordt de bedrading erachter warmer. Door die warmte kan de isolatie van kabels sneller verouderen, wat de kans op storingen en lekstroom vergroot.
Ook stopcontacten en verbindingen in lasdozen krijgen het zwaarder. Contacten kunnen losser gaan zitten, waardoor je juist extra warmte krijgt. Voelt een stekker of stopcontact warm, of valt een groep vaak uit, dan is dat een duidelijk signaal. Laat een installateur kijken wat er nodig is en verdeel de belasting liever over meer groepen.
Als je wasmachine tijdens het opwarmen volop stroom trekt, kan de spanning op die groep even zakken. Lampen dimmen dan kort, en apparaten zoals een computer, tv of router kunnen haperen of opnieuw opstarten. Gebeurt dat regelmatig, dan slijt elektronica sneller dan normaal. Zit er ook een koelkast of vriezer op dezelfde groep en valt de automaat uit, dan stopt de koeling tijdelijk. Met een eigen groep voor de wasmachine blijft de spanning voor de rest van je apparaten stabiel en heb je dit soort verstoringen nauwelijks meer.