Waar let je op bij het kopen van een kleine wasmachine?
Begin bij de maten, want die bepalen hoeveel capaciteit er overblijft. Daarna kijk je naar het energielabel in kWh per 100 wasbeurten en naar de centrifuge-efficiëntieklasse. Vervolgens naar het geluid in dB(A) tijdens het centrifugeren, de bouwkwaliteit, de garantie en de prijs. In die volgorde leggen ze je keuze ook echt vast.
Afmetingen: hoogte, breedte en diepte inclusief slangen
Meet de vrije hoogte, breedte en diepte op de plek waar de machine komt te staan. Houd achter de machine 5 tot 10 cm vrij voor de aanvoer- en afvoerslang. Dat is geen meetdetail, dat is een keuze over capaciteit. Die centimeters gaan van je diepte af, en in dit segment kost je dat al gauw een hele kilo vulgewicht. Reken dus eerst uit: gemeten nisdiepte min 5 tot 10 cm. Pas daarna kijk je welk vulgewicht daar nog bij hoort.
Bij een voorlader tel je ook de ruimte mee die de deur nodig heeft om open te draaien. Bij een bovenlader gaat het om de ruimte boven het deksel. Check verder of de kraan, de afvoer en het stopcontact op de goede plek zitten. Bij sommige modellen kun je de aanvoerslang losmaken, en soms ook de afvoerslang. Dat scheelt gedoe bij plaatsen en verhuizen.
Onderbouwhoogte: past hij onder je blad?
Een standaard aanrechtblad zit op 85 cm. Een machine van 84,7 cm schuift daar prima onder. Precies 85 cm past alleen nét, en dan nog alleen op een vlakke vloer. Je zet de machine waterpas met de stelpoten, en daarbij ga je eerder omhoog dan omlaag. Reken dus met je gemeten vrije hoogte, min een klein beetje marge om te stellen. Niet met de hoogte uit de catalogus.
Energielabel: vergelijk kWh, niet letters
Sinds maart 2021 loopt de schaal voor wasmachines van A tot en met G. Daarvoor was dat A+++ tot D. Klasse A is met opzet grotendeels leeg gelaten, zodat toekomstige modellen daar nog in kunnen. Een A is dus geen realistisch doel als je nu iets koopt. De zuinige modellen zitten meestal op B of C, en bij instapmodellen zie je vaak D of E. Een machine met een B kan best zuiniger zijn dan een oud model met A+++.
Vergelijk daarom het aantal kWh per 100 wasbeurten dat op het label staat, en niet alleen de letter. Op datzelfde label vind je nog meer: het waterverbruik in liter, de maximale vulcapaciteit in kg, het geluid tijdens het wassen én tijdens het centrifugeren, de centrifuge-efficiëntieklasse en een QR-code naar de EU-productdatabase.
Centrifuge: toerental én efficiëntieklasse
Staar je niet blind op het aantal toeren. Hetzelfde toerental levert in een kleinere trommel drogere was op dan je zou denken, of juist niet, want de kracht op je was hangt ook af van de straal van de trommel. Daarom staat er naast het toerental een aparte centrifuge-efficiëntieklasse van A tot en met G op het label. Die zegt veel meer over hoe droog je was eruit komt dan het toerental in z’n eentje. En hoe droger de was, hoe korter hij aan het rek of in de droger hangt.
Geluidsniveau: 72 dB(A) is de praktische ondergrens
Bij volwaardige kleine wasmachines ligt het opgegeven geluid tijdens het centrifugeren tussen ongeveer 72 en 79 dB(A). Het advies “kies 70 dB of minder” kun je in dit segment dus vergeten. 72 dB(A) is realistisch als ondergrens. Kom je daar ver onder, dan zit je bij een mini van 3 kg met 57 dB(A). Stiller betekent hier bijna altijd kleiner.
Het getal dat iedereen vergelijkt, hoort bij het centrifugeren. Dat is een piek van een paar minuten. Op het label staat óók een lagere waarde voor het wassen zelf, en dát duurt uren. Woon je in een appartement, vergelijk dan allebei die waarden. Met uitgestelde start houd je de piek uit de nacht. Het geluid staat trouwens ook als klasse op het label, onder de noemer geluidsemissie tijdens centrifugeren (EU 2017/1369). Meer hierover lees je bij stille wasmachines.
Bouwkwaliteit en garantie
Hoe stevig een machine gebouwd is, hangt af van het materiaal van de trommel en de behuizing, van het type motor en van wat er verder in zit aan sensoren en anti-vibratiewanden. Daarop maken we drie klassen:
- Topklasse: roestvaststalen trommel, invertermotor, uitgebreide sensoren en anti-vibratiewanden. Gaat doorgaans het langst mee.
- Middenklasse: goede basiskwaliteit, vaak een invertermotor en een deel van de sensoren. Voor de meeste mensen de verstandige middenweg.
- Basisklasse: meer kunststof onderdelen en een koolborstelmotor. Lagere aanschafprijs, kortere verwachte levensduur.
Kijk ook hoeveel jaar fabrieksgarantie je krijgt en of je die kunt verlengen. Bij een compacte machine weegt dat zwaarder dan bij een standaardmodel. Er zijn minder van die machines in omloop, dus een kapot onderdeel is lastiger te vervangen.
Prijs en gebruiksgemak
Voor een volwaardige compacte voorlader betaal je ruwweg €350 tot €550, prijspeil 2026. Die prijzen veranderen snel, dus vraag bij de winkel wat hij op dit moment kost. Hoe beter het energielabel en de bouwkwaliteit, hoe meer je betaalt. Dat verdien je deels terug via je energierekening en doordat de machine langer meegaat.
Welke programma’s handig zijn, verschilt per persoon. Een kort programma redt je als je haast hebt. Vochtsensoren passen de duur van het programma aan op hoe nat je kleding nog is. Startuitstel, een resttijdindicator en een kinderslot zitten op vrijwel elke kleine wasmachine.